U bent hier

Grensoverschrijdende detailhandel West-Vlaanderen / Oost-Vlaanderen / Noord-Frankrijk

De helft van de Noord-Franse gezinnen heeft in het afgelopen jaar een bezoek gebracht aan West-of Oost-Vlaanderen tegenover 29% van de West- en Oost-Vlaamse gezinnen die een bezoek hebben gebracht aan Noord-Frankrijk.

Hoeveel?

Vanuit Noord-Frankrijk worden er op jaarbasis 8,8 miljoen bezoeken gebracht aan West- en Oost- Vlaanderen. Vanuit West- en Oost-Vlaanderen worden er 1,9 miljoen bezoeken gebracht aan Noord-Frankrijk.

Naar waar?

De top 3 van belangrijkste bestemmingsgemeenten aan Vlaamse zijde is Menen dat door 35% van de Noord-Franse bezoekers wordt bezocht, De Panne dat door 21% van de bezoekers wordt bezocht en Ieper door 16% van de bezoekers. Andere Vlaamse bestemmingen die door een relatief groot aantal Noord-Fransen bezocht worden zijn in afnemende volgorde: Brugge (15%), Kortrijk ( 12,0%), Moorslede (11%), Poperinge (7%), Oostende (5%), Gent (4%), Heuvelland (3%), Koksijde (2%) en Veurne (2%).

Aan Noord-Franse zijde is Rijsel de bestemming bij uitstek, die wordt bezocht door 44% van de Vlaamse bezoekers. Duinkerke wordt bezocht door 14% van de bezoekers en Roubaix door 12% van de Vlaamse grensoverschrijdende bezoekers. Door het beperkt aantal bestemmingen aan Noord-Franse zijde die voldoende worden bezocht door Vlaamse bezoekers werden de bestemmingen gehergroepeerd in zes grotere entiteiten: stedelijke agglomeratie Duinkerke (15%), Frans-Vlaanderen (8%), stedelijke agglomeratie Rijsel (14%), commerciële centra Rijsel (15%), stad Rijsel (44%) en stad Roubaix (12%).

Redenen voor het bezoek?

De belangrijkste reden voor een grensoverschrijdend bezoek is voor beide populaties aankopen doen en/of shoppen. Het vormt bijna de helft van de redenen om naar Vlaamse bestemmingen (46%) of Noord-Franse bestemmingen (42%) te gaan. Er zijn evenwel verschillen terug te vinden in de producten die men aankoopt. Fransen komen vaker naar Vlaanderen voor planten, bloemen en bomen (7,2% vs. 0.7%) en decoratie (3,0% vs. 1,7%) terwijl Vlamingen in Noord-Frankrijk meer juwelen en parfums kopen (4,9% vs. 0,6%) en culturele goederen als boeken, cd's, dvd's enz. (3,0% vs.0,5%). Beide populaties zijn geïnteresseerd in het kleding- en schoenenaanbod aan de andere kant van de grens.

Naast het shoppen dat voor beide populaties een belangrijke reden is om een grensoverschrijdende bestemming te bezoeken, zien we ook enkele opvallende verschillen in de redenen voor een grensoverschrijdende verplaatsing. Voor de bestemmingen aan Noord-Franse zijde van de grens wordt toerisme in één op vijf bezoeken aangehaald als een reden. De Vlaamse bestemmingen worden dan weer in bijna 30% van de gevallen bezocht om er gewoon wat vrije tijd door te brengen.

De redenen waarom men de grens over steekt voor deze activiteiten hebben vooral te maken met de nabijheid ervan, de gastvrijheid van de bestemming en het gevoel om er even tussenuit te zijn.

Geïnteresseerd in meer?

Veruit de belangrijkste manier waarop men het grensoverschrijdende aanbod leert kennen is de mond-aan-mond reclame, via gesprekken dus met vrienden, familie en/of kennissen. Bijna de helft van de Noord-Franse bestemmingen kent men op deze manier en zelfs bijna 70% van de Vlaamse bestemmingen zijn op deze manier gekend bij de Noord-Franse populatie.

Er is evenwel nog heel wat groei mogelijk in het aantal grensoverschrijdende verplaatsingen. Een meerderheid van de gezinnen aan beide kanten van de grens (67% van de Noord-fransen en 58% van de Vlamingen) zijn geïnteresseerd om vaker een grensoverschrijdende bestemming uit te kiezen wanneer ze beter zouden weten wat er te doen is.

2 op 3 respondenten van beide populaties wil op de hoogte gebracht worden van het aanbod via het internet (website, e-mails, newsletter) maar ook reclame op papier blijft een belangrijke manier waarop men het aanbod wil leren kennen.

Niet-bezoekers

De mensen die in het jaar voorafgaand aan de bevraging geen grensoverschrijdende bezoek hebben gebracht geven hiervoor als voornaamste reden op dat ze niet weten wat er te doen is (35% van de Noord-Fransen en 28% van de Vlamingen) of weten zelfs geen antwoord op de vraag (22% van de Noord-Fransen en 31% van de Vlamingen). Ook de afstand en de lokale beschikbaarheid van voldoende aanbod worden nog als redenen van niet-bezoek aangehaald.

Bijna de helft van de Noord-Fransen en 22% van de Vlamingen die momenteel de grens niet oversteken zouden dit wel doen, wanneer ze over meer informatie zouden beschikken.

Methodologie

In het najaar van 2010 werden bijna 14.000 gezinnen bevraagd via een telefonische enquête over hun grensoverschrijdend koop- en bezoekgedrag. De vragenlijsten werden proportioneel afgenomen in de volgende arrondissementen aan Vlaamse kant: Brugge, Oostende, Roeselare, Tielt, Veurne, Ieper, Diksmuide, Kortrijk, Gent en Oudenaarde en volgende zones aan Noord-Franse zijde: kustgebied Duinkerke, Frans-Vlaanderen, stedelijke agglomeratie Rijsel en het noordoosten van Douai.

Transvisite

 

Aan beide kanten van de Belgisch-Franse grens hebben de verantwoordelijken voor toeristische ontwikkeling al lang geleden begrepen hoe belangrijk het is om hun gebied over de grenzen heen te promoten. Maar de commerciële wereld heeft deze strategie, die nochtans getuigt van gezond verstand, niet altijd zo vanzelfsprekend toegepast – enkele reclamecampagnes in de privésector niet te na gesproken. Het is deze vaststelling die de Kamers van Koophandel van Groot-Rijsel en het kustgebied Duinkerke, Unizo Westhoek en Unizo Zuid-West-Vlaanderen ertoe heeft bewogen om samen met het onderzoeks- en adviesbureau WES in 2009 de krachten te bundelen en een gezamenlijke strategie uit te werken om grensoverschrijdende consumptiestromen te stimuleren. Hiermee willen ze een nieuwe impuls geven aan de commerciële activiteiten binnen het grensoverschrijdende gebied dat zich uitstrekt van de kust tot de streek van Kortrijk en tot in het zuiden van Rijsel. Dit project, gecofinancierd door de Europese Unie in het kader van het INTERREG IV-programma, heeft sindsdien ook de steun gekregen van de provincies West- Vlaanderen en Oost Vlaanderen en van de Conseil régional van het gewest Nord-Pas de Calais. Het wordt ook technisch ondersteund door de Agences de Développement et d'Urbanisme van Groot-Rijsel en dat van de regio Vlaanderen-Duinkerke. Het project verloopt in drie fasen en loopt tot 2014. De eerste fase, die de nadruk legt op een beter begrip van het grensoverschrijdend aankoopgedrag, heeft belangrijke onderzoeksresultaten opgeleverd, die de kern vormen van dit document. De tweede fase zal de actoren van deze gebieden aan het woord laten zodat er een marketingstrategie kan worden ontwikkeld die overeenstemt met de doelstellingen van het project. De laatste fase bestaat erin om alles in de praktijk te brengen.

Auteur
Marie Van Looveren, Wes vzw
Bron
Facetten van West-Vlaanderen 59
Aantal pagina's
41
Organisatie

Delen